De optiemarkt rond bitcoin zit op scherp. Beleggers betalen een fors hogere prijs voor bescherming tegen verdere koersdalingen, en juist dat soort eenzijdige positionering loopt regelmatig uit op een snelle ommekeer zodra er een trigger opduikt. Die trigger heet deze keer core PCE, het inflatiecijfer waar de Federal Reserve het liefst naar kijkt en dat donderdag om 8:30 uur ET op de mat valt.
Kerncijfers
- Bitcoin-koers: rond 61.600 dollar
- Put-call skew (1 week): circa 25 punten premie op puts
- Verwachte core PCE mei: 3,4% j-o-j (was 3,3% in april)
- Optie-expiratie vrijdag op Deribit: ruim 10 miljard dollar
Even voor de minder ingewijde lezer: een optie-skew laat zien of de markt meer betaalt voor putopties (weddenschappen op daling) of voor callopties (weddenschappen op stijging). Een skew van bijna 25 punten richting puts betekent dat angst voor neerwaarts risico de boventoon voert. Dat klinkt somber, maar het is precies het patroon dat een bodem kan markeren. Begin februari piekte de putvraag op vergelijkbare wijze, waarna bitcoin een tussenbodem net boven de 60.000 dollar uitkerfde die vier maanden standhield.
Waarom dit cijfer zo gevoelig ligt
De core PCE laat de grillige voedsel- en energieprijzen buiten beschouwing en geldt als de favoriete inflatiemaatstaf van de Fed. Volgens FactSet wordt voor mei een stijging van 3,4 procent op jaarbasis verwacht, het hoogste niveau sinds eind 2023. Komt het cijfer lager uit dan verwacht, dan signaleert dat afkoelende onderliggende inflatie. En dat ondergraaft het argument voor verdere renteverhogingen, wat doorgaans gunstig uitpakt voor risicovolle bezittingen zoals crypto.
Bitcoin heeft alvast een aanloopje genomen en herstelde naar ongeveer 61.500 dollar, na woensdag nog een 20-maands dieptepunt rond 59.000 dollar te hebben aangetikt. De vraag is of een meevallend cijfer genoeg brandstof levert voor een echte sprong omhoog.
Er speelt nog iets. Beide inflatiecijfers kunnen al achterhaald zijn voordat ze gepubliceerd worden, omdat de olieprijs recent hard is gezakt. WTI-futures noteren rond 70 dollar, ver onder de 100-plus die tijdens de oorlog met Iran in maart en april op de borden stond. Oud-Pimco-topman Mohamed El Erian wees daar op X op. “These numbers come before the recent sharp fall in oil prices, which will result in lower headline inflation and ease some of the pressures on core,” schreef hij, met de aantekening dat mei mogelijk de piekmaand voor inflatie is geweest.
Banken draaien de andere kant op
Niet iedereen ziet versoepeling aankomen. Grote zakenbanken hebben hun verwachting juist aangescherpt richting hogere rente. BofA Global Research rekent dit jaar op drie renteverhogingen van 25 basispunten, terwijl Deutsche Bank uitgaat van twee, te beginnen in september. Dat verklaart een deel van de druk op bitcoin, dat de steunzone rond 60.000 dollar krampachtig probeert te verdedigen.
Daar komt de timing nog bovenop. Vrijdag verloopt er voor meer dan 10 miljard dollar aan bitcoinopties op Deribit. Een macrocijfer en een omvangrijke derivatenexpiratie binnen 24 uur is een recept voor hevige koersuitslagen, in beide richtingen.
Let ook op MSTR
Buiten de inflatiecijfers verdient het aandeel Strategy (MSTR) aandacht, de grootste beursgenoteerde bitcoinbezitter. De koers brak uit een klassiek head-and-shoulders-toppatroon, een omkeerformatie die vaak verdere dalingen aankondigt. Woensdag zakte het aandeel ruim 8 procent en doorbrak het de trendlijnsteun, wat de uitbraak naar beneden bevestigde. Voor wie crypto en aandelenmarkten in samenhang volgt, is dat geen prettig signaal richting de PCE-publicatie.













