Terwijl olie deze week hard reageerde op geopolitiek nieuws, bleef Bitcoin opvallend koel. De grootste cryptomunt handelde rond 62.747 dollar op 3 augustus, na een korte uitschieter naar 63.697 dollar. Die matte respons zegt genoeg: beleggers wachten niet op krantenkoppen, maar op harde cijfers over de Amerikaanse arbeidsmarkt en op wat de Federal Reserve daarmee gaat doen.
Kerncijfers
- Bitcoin-koers 3 augustus: 62.747 dollar (intraday-top 63.697 dollar)
- Fed-rente sinds 29 juli: 3,5 tot 3,75 procent (stem 9 tegen 3)
- Banengroei juni: 57.000, werkloosheid 4,2 procent
- Neerwaartse bijstelling april en mei: 74.000 banen
De aanleiding voor die rust was allerminst rustig. President Donald Trump blies geplande aanvallen op Iran af en kondigde aan dat er onderhandelingen zouden beginnen over het heropenen van de Straat van Hormuz. Brentolie zakte meer dan 5 procent naar ongeveer 83 dollar per vat, West Texas Intermediate dook onder de 80 dollar. Bitcoin bewoog even richting 63.700 dollar, maar hield die winst niet vast. Kortom: waar de energiemarkt direct schrok, haalde crypto zijn schouders op.
Dat patroon is bekend. Olie reageert sneller op dreigende verstoringen van scheepvaart en energieaanvoer, terwijl Bitcoin vooral gevoelig is voor liquiditeit, rente en institutionele vraag. Bovendien is er nog niets in kannen en kruiken: Iraanse vertegenwoordigers spraken berichten tegen dat Teheran het voorstel al had geaccepteerd. De geplande gesprekken zijn dus een opening, geen deal.
Vijf datapunten die de Fed-verwachting kunnen kantelen
De echte spanning zit in het macro-programma. De week opent maandag met de ISM Manufacturing PMI en eindigt vrijdag met het officiele banenrapport over juli. Daartussen krijgen handelaren de JOLTS-cijfers over openstaande vacatures, het private-loonrapport van ADP en de ISM Services PMI. Voor wie minder thuis is in dit jargon: deze reeks meet samen hoe warm of koud de Amerikaanse economie draait, en dat bepaalt hoeveel ruimte de Fed voelt om de rente hoog te houden of juist te verlagen.
| Dag | Cijfer |
|---|---|
| Maandag | ISM Manufacturing PMI (juli) |
| Dinsdag | JOLTS-vacatures (juni) |
| Woensdag | ADP-loonrapport en ISM Services PMI |
| Vrijdag | Officieel banenrapport (juli), 8.30 uur ET |
Die context is beladen. De Fed hield op 29 juli de doelrente op 3,5 tot 3,75 procent, in een stemming die met 9 tegen 3 uitviel. In de toelichting stond dat de economische activiteit in een stevig tempo bleef groeien, ondanks de verhoogde onzekerheid rond het Midden-Oosten. De banengroei van juni was intussen afgekoeld tot 57.000, en april en mei werden samen met 74.000 banen naar beneden bijgesteld. De werkloosheid zakte naar 4,2 procent, deels doordat de beroepsbevolking kromp.
Waarom een enkel meevallertje niet genoeg is
De les van de matte Iran-reactie is dat een losse meevaller de huidige zijwaartse fase niet doorbreekt. Voor een duurzame beweging moeten meerdere cijfers hetzelfde verhaal vertellen. Zwakke vacaturecijfers, gevolgd door afzwakkende private lonen en een zachter officieel banenrapport, zouden het beeld versterken dat de vraag naar arbeid afkoelt. Maar dat effect verdampt zodra de ISM-rapporten oplopende inputprijzen of sterkere dienstenactiviteit laten zien.
De toon aan de kant van de Fed blijft hoe dan ook streng. Analisten wijzen erop dat de centrale bank weinig reden ziet om de markt hoop op versoepeling te geven. Maksym Sakharov, medeoprichter en CEO van infrastructuuraanbieder WeFi, verwacht dat de commissie de rente aanhoudt en bewust hawkish leunt. “Inflation remains above target, energy shocks are keeping price risks tilted higher, and the committee has no reason to validate expectations for easier policy”, zei hij tegen CCN. Ter herinnering: bij de vorige rentevergadering telde de zogeheten dot plot 9 van de 18 beleidsmakers die minstens een renteverhoging voor 2026 inboekten.
Bedrijfscijfers als bijrol
Naast de macrocijfers komen er ook kwartaalcijfers aan. AMD en SpaceX rapporteren na de beurs op dinsdag, Sandisk volgt woensdag, met daarna nog meer grote Amerikaanse namen. Het bredere plaatje oogt sterk: volgens FactSet had 61 procent van de S&P 500-bedrijven op 31 juli gerapporteerd, waarvan 86 procent de winstverwachting versloeg en 77 procent de omzetraming. Toch is dat geen directe brandstof voor Bitcoin. Sterke techcijfers kunnen de algemene risicobereidheid steunen, maar wegen minder zwaar dan renteverwachtingen, ETF-vraag en dollarliquiditeit.
Voor de handelaar betekent dat een helder draaiboek: maandag de industrie, dinsdag de vacatures, woensdag de private lonen en diensten, en vrijdag het officiele banenrapport. Een echte uitbraak vraagt om aanhoudende koopdruk na die reeks, niet om een vluchtige sprong op een enkel gunstig cijfer.












