De poging van bitcoin om terug te keren richting 80.000 dollar liep dinsdag stuk op een inflatiecijfer dat net iets heter uitviel dan gehoopt. Vlak na de opening van Wall Street gleed de koers onder de 78.000 dollar, terwijl aandelen lager openden en goud onder de 4.600 dollar per ounce dook. De aanleiding: de Amerikaanse PCE-index, de inflatiemeter waar de Federal Reserve het meeste gewicht aan hangt.
Kerncijfers
- Bitcoin-koers: rond 77.992 dollar
- PCE-inflatie juli (jaarbasis): 3,7% (verwacht 3,6%)
- Kern-PCE op maandbasis: +0,2%
- Goud: onder 4.600 dollar per ounce
Even wat context voor wie niet dagelijks met macrocijfers bezig is. De PCE-index meet hoeveel Amerikanen betalen voor goederen en diensten. Loopt die te hard op, dan houdt de Fed de rente langer hoog, en dat is doorgaans slecht nieuws voor risicovolle beleggingen zoals crypto en groeiaandelen. Precies dat scenario schoot woensdag weer even in beeld.
Waarom 0,1 procentpunt zoveel losmaakte
Op papier klinkt het onschuldig: de jaarinflatie kwam 0,1 procentpunt boven de verwachting uit, op 3,7 procent. Maand-op-maand steeg de PCE-index met 0,2 procent, en ook de kernmaatstaf zonder voedsel en energie liet een plus van 0,2 procent zien. Het pijnpunt zit in het contrast met juni, toen de maandcijfers onverwacht daalden voor het eerst in zes jaar. Die opluchting van vorige maand kreeg nu een koude douche.
Handelsplatform The Kobeissi Letter vatte de frustratie op X kernachtig samen: “US inflation continues to run at nearly double the Fed’s 2.0% target.” Met een inflatie die bijna dubbel zo hoog ligt als het streefdoel van de centrale bank, is de kans op snelle renteverlagingen klein. Data van CoinDesk lieten zien dat de kern-PCE op jaarbasis met 3,3 procent overigens wel netjes in lijn met de prognoses lag, wat de klap enigszins dempte.
Nvidia en Jackson Hole houden de markt gespannen
Het inflatiecijfer is niet de enige beproeving deze week. Beleggers wachten op de kwartaalcijfers van chipgigant Nvidia, die op korte termijn voor stevige schommelingen kunnen zorgen. Analisten rekenen op zo’n 92,3 miljard dollar aan omzet. Omdat Nvidia symbool staat voor de bredere risicobereidheid op de beurs, kleurt die uitslag doorgaans ook af op bitcoin.
Daarnaast begint donderdag het jaarlijkse economische symposium in Jackson Hole, met vrijdag de keynote van Fed-voorzitter Kevin Warsh. Elk hint over het rentepad zal daar direct worden uitvergroot.
Herstelrally of echte ommekeer?
De koersstijging van de afgelopen week, ruwweg 25 procent, klinkt indrukwekkend, maar analist Rekt Capital plaatst er kanttekeningen bij. Zolang bitcoin de reeks van lagere toppen die sinds oktober 2025 loopt niet doorbreekt, blijft de opleving volgens hem te boek staan als een relief rally binnen een breder neerwaarts patroon. Hij wijst op het 50-weeks exponentieel voortschrijdend gemiddelde rond 77.251 dollar als lijn die bitcoin moet heroveren en vasthouden.
Voor beginners: zo’n voortschrijdend gemiddelde is simpelweg de gemiddelde koers over de afgelopen 50 weken. Handelaren gebruiken het als graadmeter voor de onderliggende trend. Blijft de koers eronder hangen, dan telt dat als een zwaktesignaal.
Niet iedereen kijkt somber vooruit. Onderzoeksbureau Bernstein houdt vast aan een herstelscenario waarin bitcoin eind 2026 terugkeert naar 125.000 dollar, medio 2027 doorstoot naar 150.000 dollar en in 2029 richting 300.000 dollar beweegt. Dat basispad leunt op de historische vierjaarscyclus van bitcoin. De boodschap voor de korte termijn blijft echter nuchter: zolang de macrocijfers tegenzitten en de Fed op de rem staat, moet bitcoin zijn eigen weerstand eerst overtuigend zien te kraken.













