Brussel wil weten of crypto-leningen onder MiCA horen te vallen, en juist de DeFi-leningvaults maken die vraag lastig te beantwoorden. De Europese Commissie opende op 20 mei 2026 een gerichte consultatie over onderdelen die buiten het oorspronkelijke MiCA-raamwerk bleven, waaronder decentralized finance en het uitlenen en lenen van crypto. Wie precies onder toezicht zou moeten komen, is het echte twistpunt.
Kerncijfers
- Start consultatie: 20 mei 2026
- Nieuwe deadline reacties: 30 september 2026
- MiCA van kracht sinds: december 2024
- Aantal vragen in review: 86
De oorspronkelijke deadline lag op 31 augustus, maar op 29 juni 2026 verlengde de Commissie die periode met een maand tot 30 september 2026. De review telt in totaal 86 vragen en raakt behalve DeFi ook staking, het rentetegoedverbod voor stablecoins en NFT’s. Dat de regels na nog geen twee jaar alweer tegen het licht worden gehouden, zegt genoeg over hoe snel dit deel van de markt beweegt.
Wat een vault eigenlijk is
Een leningvault is een slim contract dat kapitaal van gebruikers bundelt en dat vervolgens via onchain-kredietmarkten uitzet. Voor de gebruiker voelt het als sparen tegen rendement, maar er zit geen bank of bedrijf tussen dat de lening formeel verstrekt. Precies daar wringt het juridisch. EU-jurist Yuriy Brisov, partner bij Digital & Analogue Partners, vat het probleem droog samen: “EU law has no category called a ‘vault.'” Volgens hem kwalificeert een jurist zo’n constructie dan ook op functie, niet op naam.
Het lastige is dat vaults de economische taken van kredietverlening uitvoeren, terwijl andere functies verspreid zitten over slimme contracten en meerdere deelnemers in plaats van bij één onderneming. Wie is dan de aanbieder die je aanspreekt?
Morpho laat het probleem zien
De architectuur van leenprotocol Morpho maakt concreet waarom deze vraag zo moeilijk is. In Vault V2 zijn de rollen opgesplitst tussen een eigenaar, een curator, een allocator en een sentinel. De curator stelt strategie en risicoparameters in, de allocator voert de allocaties uit en de sentinel heeft bevoegdheden om risico te beperken. Geen van die deelnemers biedt op zichzelf een gereguleerde leendienst aan onder MiCA, maar de opzet toont wel hoe veel ingewikkelder het is om de relevante partij aan te wijzen dan bij een klassieke kredietverstrekker.
Niet alles op één hoop
Jonathan Galea, partner bij Cahill Gordon & Reindel, waarschuwt beleidsmakers om leningvaults niet als één categorie te behandelen. Sommige vaults sturen versnipperde liquiditeit naar leenmarkten, andere kopen en verkopen crypto-assets en verdienen een andere aanpak. Trek je alle ‘DeFi-lending’ onder één label, dan dreigen structuren die tegengestelde antwoorden verdienen samen in de net te belanden.
Een voor de hand liggende scheidslijn zou decentralisatie zijn, maar Galea vindt dat riskant: het zou nieuwere protocollen benadelen en gevestigde spelers in de kaart spelen die jarenlang de tijd hadden om controle te spreiden. Brisov pleit liever voor een structurele toets: geen onderneming, geen aangestelde beheerder, een directe gecodeerde aanspraak op de pool, en de mogelijkheid om uit te stappen voordat een parameterwijziging ingaat.
Een eigen regelset voor DeFi?
Curve Finance-oprichter Michael Egorov vindt dat regels rekening moeten houden met het verschil tussen decentraal lenen en traditionele financiering. Volgens hem heeft DeFi sommige waarborgen van klassieke kredietverlening niet nodig, terwijl het tegelijk andere juist wél kan vergen. Hij dringt aan op een voorzichtige benadering, met een apart raamwerk dat de veiligheid vergroot en nieuwe gebruikers toelaat zonder regels op te leggen waaraan bepaalde protocollen door hun opzet niet kunnen voldoen. Na 30 september ligt de bal bij Brussel, en de kern van de opgave is niet óf DeFi-lending gereguleerd wordt, maar hoe je regels schrijft die onderscheid maken tussen totaal verschillende vormen van onchain-lenen en de mensen die er, als die er al zijn, echt controle over hebben.













